“Beroepen in de industrie zijn boeiend en bieden veel afwisseling voor wie houdt van werken in het veld, van mensen en techniek”. De CEO van Nexans Benelux – tevens voorzitter van Agoria Hainaut-Namur – ziet zichzelf als ‘een van de fabriek’, maar dat betekent niet dat hij niet bezig is met de manier waarop de fabriek zich moet ontwikkelen, met name op het vlak van sociale relaties.


Technologische innovatie gaat altijd door, maar ook op het vlak van menselijke en sociale relaties leven we in een veranderende wereld.

Zijn diploma op zak sleept Bernard Delvaux zijn eerste job in de wacht als technisch verantwoordelijke voor een samenwerkingsproject ergens in het Peruviaanse Andesgebergte. Na drie jaar in Zuid-Amerika gaat het naar een ander continent – hij is dan 28 – en wordt hij voor een Belgische onderneming directeur van de kolenmijnen van Tanganyika en vervolgens van het bedrijf Ciment-Lacs in de regio Kalemie aan het Tanganyikameer (in het toenmalige Zaïre, nu de Democratische Republiek Congo). Dat Afrikaans avontuur zou vijf jaar duren en omschrijft hij als een “intense ervaring die mij heeft gevormd”. Op het einde van de jaren 80 verslechtert de toestand in Zaïre en keert hij terug naar België, waar hij een ‘traditioneler’ professioneel traject aanvat, eerst bij Diamant Board, dan bij Rockwell Automotive.


In 2001 gaat Bernard Delvaux aan de slag bij Nexans (het vroegere Alcatel Câbles), waar hij achtereenvolgens in België en Frankrijk de functie van fabrieksdirecteur opneemt. In 2014 wordt hij dan CEO van Nexans Benelux. Het is in die positie ten slotte dat hij heeft aanvaard om voorzitter te worden van Agoria Hainaut-Namur.

Hoe ziet hij zijn rol als voorzitter van Agoria Hainaut-Namur? Welke grote veranderingen en uitdagingen voor de toekomst ontwaart hij vanuit zijn brede ervaring in de industrie? Wat is volgens hem een fabriek van de toekomst? We hebben het hem allemaal gevraagd.

Waarom hebt u het mandaat van voorzitter van Agoria Hainaut-Namur aanvaard?

Het is een interessante opdracht voor Nexans, en ook voor mezelf. Actief zijn bij Agoria biedt je de kans om vele nieuwe contacten te leggen en tal van mensen te ontmoeten met een heel verschillende achtergrond en uiteenlopende ervaringen en profielen, zodat je verder gaat kijken dan je eigen professionele bezigheden. Die ontmoetingen en uitwisselingen zijn boeiend want ze verruimen je blik, je wordt kritischer voor jezelf in je job. Ten slotte dacht ik aan wat Nexans Benelux en ikzelf Agoria en de andere leden kunnen bieden: waar kunnen we een motor zijn?

Waar denkt u zoal aan?

Ik denk bijv. aan de relaties in onze ondernemingen. Het profiel en de competenties van de fabrieksoperatoren zijn sterk veranderd. Zelfs als ze oorspronkelijk geen specifieke opleiding hebben genoten, zijn ze na hun vorming verantwoordelijk voor complexe machines, beheersen ze nieuwe technologieën … Op de meeste productielijnen verrichten de operatoren interessant werk dat hen voldoening schenkt omdat ze autonoom kunnen werken en hun verantwoordelijkheidszin wordt aangesproken. Dat heeft uiteraard gevolgen voor de sociale relaties in de industrie.

Er wordt momenteel veel gesproken over zwaar werk: als je mensen ziet die sinds hun 16de of 18de iedere week een ander arbeidsrooster hebben, dan weet je wat dat concreet betekent.

Voorts blijven mensen sterker verbonden met hun job dan vroeger, soms zelfs permanent. Tien tot vijftien jaar geleden was dat niet zo.

Wie is Bernard Delvaux?

  • Burgerlijk ingenieur mijnbouw (UCL)
  • Getrouwd, 3 kinderen en 7 kleinkinderen 
  • Hobby’s: mountainbiken en joggen, wandel- en bergtochten maken, lezen 

Aan al die veranderingen moeten we werken, maar ook aan de relaties met de sociale partners enz. Technologische innovatie gaat altijd door, maar ook op het vlak van menselijke en sociale relaties leven we in een veranderende wereld. Innovatie in sociale relaties is een zaak van iedereen die in dienstverband werkt. Jongeren van nu hebben een andere opvatting van werk dan mensen van mijn generatie, toen niets vóór de professionele activiteiten ging. Vandaag vragen kaderleden, bedienden en zelfs arbeiders – zowel mannen als vrouwen overigens – om 4/5 te werken of om te telewerken: de onderneming moet zich aanpassen.

(Lees ook: Christophe Lebrun (See Telecom): “Vandaag maakt de non-technologische innovatie het verschil”)

Wanneer we het hebben over ‘factories of the future’, vormt dat menselijke aspect een essentiële factor. Hoe zal de arbeidswereld eruitzien over tien of vijftien jaar? Geen enkele onderneming, groot of klein, kan onder die vraag uit.

Hoe vorderen de factories of the future in Wallonië?

De vraag is: wat is een ‘fabriek van de toekomst’? Volgens mij gaat het in de eerste plaats om een dynamische visie. Een factory of the future is dat na tien jaar alleen nog als ze die weg is blijven volgen.

Nexans Benelux is gegroeid uit een conglomeraat van verschillende ondernemingen die actief waren in de productie en de verkoop van kabels (overgenomen door Alcatel Câbles in de jaren 90, in 2001 Nexans geworden), waarvan sommige al meer dan honderd jaar bestonden. Het is ook het resultaat van een evolutie. Zo was de fabriek in Dour bijv. een touwslagerij/kabelfabriek die leverde aan de plaatselijke kolenmijnen. Wat er vandaag wordt geproduceerd, heeft niets meer te maken met het verleden, al is er een ‘genetische’ band.

U bent CEO van de Belgische dochter van een internationale groep. Wat denkt u van wat er bij Caterpillar is gebeurd? Hoe kunnen we voorkomen dat zoiets zich herhaalt?

Ik wil er eerst en vooral op wijzen dat de structuur van Nexans verschilt van die van Caterpillar: Nexans Benelux is nl. een volwaardig bedrijf (nv). Maar we zijn wel een onderdeel van een groep en de belangrijke beslissingen worden dan ook genomen door de Directie van de Groep in Parijs. De beste manier om zich te wapenen tegen eventuele sluitingen is sterk blijven presteren en voortdurend beter worden. Door te investeren, met name in innovatie, kunnen we onze prestaties blijven opvoeren. Toegegeven, dat biedt geen absolute bescherming, en Caterpillar is daar een voorbeeld van: multinationals kunnen om verschillende redenen beslissen om vestigingen te sluiten of activiteiten af te bouwen.

Een andere grote troef van Nexans Benelux is dat we in Buizingen beschikken over een logistiek centrum dat gunstig gelegen is, in het hart van Europa. Ik vermeld even dat in september 2016 twee windturbines van Electrabel op de site in Buizingen in gebruik zijn genomen. Met die turbines wordt voorzien in een groot deel van de elektriciteitsbehoefte van de fabriek.

Ondervindt u moeilijkheden om technische profielen aan te trekken?

Geen echte moeilijkheden omdat we de afgelopen tien jaar een matig aanwervingstempo hebben gekend: de Groep – en dus ook Nexans Benelux – heeft noodzakelijke herstructureringen doorgevoerd en de fabrieken hebben zich sterker gespecialiseerd. Al moet gezegd worden dat een groot deel van het huidige personeel er al was vóór de groepering, zodat de leeftijdspiramide een aandachtspunt blijft. Ik heb echter wel de indruk dat onze sector niet altijd als ‘sexy’ wordt beschouwd, terwijl kabelproducten voortdurend evolueren en het resultaat zijn van een gevarieerde activiteit waar elektriciteit, machinebouw, de metaal, chemie en materialen, elektronica enz. bij komen kijken. En dan hebben we het nog niet over de automaten om de productielijnen te bewaken en alle meetapparatuur op de lijnen. Hoewel de onderneming er totaal niet als een start-up uitziet, heeft wat er gebeurt wel degelijk betrekking op vandaag en morgen.