Nog tot 16 december loopt een openbare raadpleging voor bedrijven die mee het standpunt van de Europese Commissie over de mogelijke herziening van Machinerichtlijn 2006/42/EC zal bepalen. Thomas Kraus van VDMA (de Duitse brancheorganisatie voor machinebouwers) en tevens voorzitter van de Machine Directive Working Group van Orgalime, trekt aan de alarmbel: “Waarom is een herziening nodig als de huidige machinerichtlijn nog perfect voldoet?” Tijd voor een interview.


Thomas Kraus: "Ik hoop echt dat veel bedrijven de openbare raadpleging zullen aangrijpen om hun bezwaren te uiten, want als er een herziening van de machinerichtlijn komt, dreigen zij het gelag te betalen."

Wie of wat is Orgalime precies?

Thomas Kraus: Orgalime is de Europese koepelvereniging van organisaties die fabrikanten in de machinebouw, de metaal- en de elektrotechnische industrie vertegenwoordigen. Samen zijn die organisaties representatief voor een directe en indirecte tewerkstelling van ruim 10,9 miljoen mensen in de EU. Een van onze leden is Agoria, de Belgische federatie van de technologische industrie.

Het Orgalime-netwerk biedt onze leden een kanaal om op geregelde basis overleg te plegen met buitenlandse collega’s en zo hun acties en standpunten te kaderen binnen een breder Europees perspectief. Daarnaast is Orgalime in heel wat lobbydossiers een vaste gesprekspartner van de Europese instellingen, waarbij we uiteraard steeds de belangen van onze leden en hun respectievelijke lidbedrijven vooropstellen.

In april 2016 zijn van een groot aantal Europese richtlijnen nieuwe versies in werking getreden. Hoe komt dat?

Thomas Kraus: Sommige Europese richtlijnen bestaan al decennialang en dan is het weinig verwonderlijk dat zich nu en dan aanpassingen opdringen. De recente ‘herzieningsdrang‘ waarnaar u verwijst, is het resultaat van een grote verandering in de communautaire wetgeving in 2008. In dat jaar werd namelijk het ‘Nieuw wetgevend kader’ (NLF, New Legislative Framework) voor het verhandelen van producten op de Europese interne markt gepubliceerd.

De wettelijke basis van het NLF bestaat uit twee verordeningen (Verordening 764/2008/EG inzake wederzijdse erkenning van bepaalde nationale technische voorschriften en Verordening 765/2008/EG inzake accreditatie en markttoezicht) en een besluit (Besluit 768/2008/EG inzake het verhandelen van producten), die vanaf 1 januari 2010 in werking zijn getreden.

Parallel werd destijds ook een stroomlijningspakket voorzien om een reeks bestaande richtlijnen in overeenstemming te brengen met de eisen van Besluit 768/2008/EG. Die herzieningen hebben wat tijd gevergd, maar zijn nu dus voltooid. Het gaat o.a. om de laagspanningsrichtlijn, de richtlijn elektromagnetische compatibiliteit, de ATEX-richtlijn en nog enkele andere richtlijnen… 8 in totaal.

En waarom dan niet Machinerichtlijn 2006/42/EC?

Thomas Kraus: Omdat de schrijvers van de machinerichtlijn bij de herziening daarvan in 2006 zeer vooruitziend zijn geweest en toen al in grote mate rekening hebben gehouden met de horizontale vereisten die zouden worden vastgelegd in het NLF, dat op dat ogenblik volop in voorbereiding was.

Is dat meteen ook de reden waarom u zich vandaag verzet tegen een eventuele volgende herziening van de Europese machinerichtlijn?

Thomas Kraus: Inderdaad. De Machinerichtlijn 2006/42/EC harmoniseert de regels voor de verkoop van machines binnen de EU. Hij beschrijft o.a. de essentiële gezondheids- en veiligheidseisen waaraan machines moeten voldoen voordat de fabrikant er de CE-markering op mag aanbrengen. Het uiteindelijke doel is een hoog veiligheidsniveau voor consumenten en werknemers te kunnen waarborgen. De fabrikant heeft de verantwoordelijkheid om de ‘state-of-the-art’ toe te passen opdat aan de essentiële vereisten van de machinerichtlijn wordt voldaan.

Wij zijn tegen de herziening van de machinerichtlijn om twee redenen. De eerste is dat volgens ons de praktische meerwaarde die een herziening vandaag zou kunnen opleveren, al bij al zeer gering is. Ik legde daarnet al uit waarom. Daar staat bovendien tegenover dat zo’n herziening wel gegarandeerd veel tijd en middelen zou vergen, in het bijzonder van de fabrikanten die eraan onderhevig zijn: zij zullen moeten investeren in mankracht en misschien zelfs in productaanpassingen.

Ons tweede argument is gericht tegen de veelgehoorde opmerking dat er toch best veel technologische innovatie heeft plaatsgevonden sedert de invoering van Machinerichtlijn 2006/42/EC. Ook die opmerking verantwoordt volgens Orgalime geen herziening vandaag. Experts zijn het er immers over eens dat de essentiële vereisten zoals die in de machinerichtlijn zijn vastgelegd, eerder algemene en “technologievrije” principes zijn: het zijn doelstellingen waaraan moet worden voldaan, maar elke fabrikant is vrij in de manier waarop hij dat doet: met bekende, nieuwe of toekomstige technologie… uiteindelijk is het de fabrikant die beslist welke maatregelen zullen worden toegepast om aan de wettelijke vereisten te voldoen. De state-of-the-art wordt prima opgevolgd via de talrijke met de machinerichtlijn geharmoniseerde normen. Het is dus zeker niet nodig om in functie van eventuele technologische innovaties de hele basisrichtlijn te herzien.

Wat is uw boodschap aan de industrie? Hoe kunnen fabrikanten die dit artikel lezen de mogelijke herziening van Machinerichtlijn 2006/42/EC helpen tegenhouden?

Thomas Kraus: De Europese Commissie heeft consultingbedrijf Technopolis aangesteld om bij experten uit de verschillende Europese lidstaten technisch advies over het voorstel tot herziening in te winnen. Deze consultatieronde, waar Orgalime uiteraard aan zal deelnemen, loopt tot 23 december 2016.

Daarnaast houdt de Commissie zelf nog een openbare raadpleging waaraan ook individuele bedrijven kunnen deelnemen. Er kan worden gereageerd tot uiterlijk 16 december 2016. Ik hoop echt dat veel bedrijven die kans zullen aangrijpen om hun bezorgdheden en bezwaren te uiten, want als de herziening er komt, dreigen zij het gelag te betalen...