Met een diploma informatica en een doctoraat op zak was Carine Lucas acht jaar actief in universitair onderzoek en onderwijs. Daarna verleende ze zestien jaar lang bijstand aan tal van ondernemingen – van klein tot groot – binnen het IWT (vandaag Vlaio – Agentschap Innovatie en Ondernemen), waar ze met name innovatieprojecten beoordeelde. Daarnaast hielp ze nationale en internationale subsidieprogramma’s uitwerken. Het mag dus duidelijk zijn dat Carine bijzonder goed vertrouwd is met het Belgische en internationale innovatie-ecosysteem.

Welke grote ontwikkeling heb je de voorbije twintig jaar vastgesteld in de wereld van technologisch onderzoek?

Toen ik mijn carrière begon, werd in ICT-onderzoek hoofdzakelijk gefocust op technologieprojecten, d.w.z. de ontwikkeling van nieuwe software. De afgelopen jaren is die innovatie echter steeds meer verschoven naar niet-technologische aspecten: businessmodellen, go-to-market, marketing, commerciële tools … Anders gezegd: “Wat hebben die technologische en digitale innovaties te bieden aan de organisatie?”

Een brandend actueel onderwerp in de Agoria-sectoren?

Absoluut! Denk maar aan machinefabrikanten, die vroeger de best presterende machines op de markt wilden brengen. Vandaag denken ze na over nieuwe diensten die ze hun klanten kunnen aanbieden, als aanvulling op hun machines. Dankzij de ontwikkeling op het domein van sensoren, digitalisering en dataverzameling kunnen fabrikanten diensten aanbieden met het oog op predictieve maintenance, bewaking en onderhoud van machines maar ook innovatieve digitale services waarmee machines en de bestaande expertise naar een hoger niveau worden getild. We zien die veranderingen in alle sectoren waar digitale toepassingen worden ontwikkeld. Een van mijn opdrachten is om ervoor te zorgen dat de leden van Agoria een zo volledig mogelijk beeld krijgen van wat zich voltrekt op dat specifieke domein van innovatie.

Wie is Carine Lucas ?

  • Getrouwd, twee kinderen van 16 en 14 jaar;

  • Afkomstig van Oostende maar overtuigd door Brussel;

  • In haar vrije tijd staat muziek met stip op één: concerten, festivals... En jogging.

 

Welke vragen stellen ondernemingen het vaakst aan het expertisecentrum Innovatie van Agoria?

Ondernemingen hebben vooral behoefte aaninformatie over subsidie- en samenwerkingsmogelijkheden. Daarom help ik ondernemingen met elkaar te verbinden maar ook met partners, met name uit de universiteitswereld.

Kun je daar een voorbeeld van geven?

Een van mijn eerste projecten toen ik een jaar geleden bij Agoria aan de slag ging, was het Scale-up-project (in samenwerking met Sirris). Een scale-up is gewoon een start-up die een volgend stadium in zijn ontwikkeling heeft bereikt en die de typische trial-and-errorfase in zijn beginperiode achter zich heeft gelaten. Voor start-ups bestaan al heel wat ondersteuningsprogramma’s. Met Scale-up (http://scaleup.vlaanderen/nl/) focussen we eerder op ondernemingen die al een stabiel product, klanten en een markt hebben. Die ondernemingen hebben nood aan begeleiding op tal van domeinen: nieuwe klanten vinden, bepaalde markten betreden, internationaal gaan, de human resources of de juridische aspecten managen enz. Dit begeleidingsprogramma is gericht op ondernemingen die aan die criteria beantwoorden, of ze nu lid zijn of niet.

Is er ook specifieke ondersteuning voor lidbedrijven?

We gaan workshops organiseren voor lidbedrijven die softwaregerelateerde producten en diensten ontwikkelen: hoe bepaal je de prijs van Saas (Software as a Service)? Hoe breng je een nieuwe digitale dienst op de markt? Waar vind je klanten? Het kan gaan om ontwikkelaars, fabrikanten van machines die software of digitale platformen aanbieden als aanvulling op hun producten of eender welke andere soort ondernemingen.

Kun je ons wat meer vertellen over het Corporate Venturing-project van Agoria?

Grote ondernemingen willen steeds vaker in contact komen met start-ups die innovatieve digitale oplossingen ontwikkelen. Kleine ondernemingen willen dan weer meer potentiële klanten bereiken. Daarom organiseren we netwerkevents. Dat is niet zo eenvoudig want de ‘matching’ moet goed zitten, maar de vraag is groot en het project zal in 2017 verder worden ontwikkeld.

Wat is jouw visie op innovatie in België? Zijn we vernieuwend genoeg?

Als we de internationale rangschikking bekijken, zitten we niet op de eerste bank maar doen we het toch niet slecht. We hebben hier tal van innovatieve bedrijven en we kunnen bogen op goede universiteiten maar de samenwerking tussen die twee kan beter: te weinig onderzoek mondt uit in concrete projecten in ondernemingen. Een van de opdrachten van Agoria is om programma’s te bevorderen die samenwerkingsprojecten financieel ondersteunen.

Wat zijn de uitdagingen van Belgische ondernemingen op het vlak van innovatie?

Een van de grote uitdagingen van ondernemingen is om het razendsnelle tempo van innovatie en technologische ontwikkelingen bij te houden, zeker in de digitale sector. Agoria is elke dag bezig om ondernemingen te informeren over die ontwikkelingen en hen te helpen ontdekken wat elders bestaat, o.a. door middel van lerende netwerken.

Een tweede uitdaging zijn subsidies. Zo lobbyt Agoria ervoor om meer middelen ter beschikking te stellen waarmee ondernemingen worden ondersteund in hun innovatie. Daarnaast ijveren we voor een vereenvoudiging van de bestaande systemen. Er zijn heel veel subsidies, maar welke kun je voor jouw project gebruiken? Hoe vind je je weg in die administratieve doolhof? Agoria helpt ondernemingen door de bomen het bos te zien, maar wat we eigenlijk nodig hebben, is een eenvoudiger systeem. Uiteraard helpen we alle ondernemingen, maar in het bijzonder kmo’s, omdat zij over minder ervaring en resources beschikken op dat domein.

Je bent een ICT-specialist. Komt er verandering in de plaats van vrouwen in die sector?

Nee, helaas. Ik heb zelfs de indruk dat er een achteruitgang is t.o.v. toen ik studente was. In het algemeen kiezen al te weinig jongeren voor dergelijke opleidingen, maar meisjes zijn wel bijzonder dun gezaaid. Ik denk dat ze zich laten afschrikken door het – onterechte – beeld van de asociale nerd die het huis niet uit komt.

Wat moeten we daar dan aan doen?

We moeten jongeren duidelijker uitleggen dat dat beeld niet klopt en dat ICT werkelijk overal te vinden is. Dat je je met ICT kunt toeleggen op zo veel boeiende projecten die verband houden met gezondheid, milieu, mobiliteit … Kortom, dat ICT helemaal in de wereld staat en geen eiland is.Informaticalessen in het middelbaar onderwijs gaan vandaag vaak niet verder dan Word, Excel en PowerPoint. Dat is een beetje alsof je een mecanicien zou leren autorijden en that’s it. Het zijn tools, maar dat is niet wat ik ‘informatica’ noem. Ikzelf heb de smaak te pakken gekregen dankzij een leraar in het vijfde jaar secundair. Zonder hem had ik waarschijnlijk een ander weg gekozen.

Het is anders wel een weg die heel wat kansen biedt …

Dat klopt. We zien trouwens in andere delen van de wereld, bijv. in Zuid-Amerika, dat meer meisjes voor die richtingen kiezen omdat ze weten dat ze daarmee een job kunnen vinden en hun positie kunnen verbeteren.

Enkele vragen aan Carine:

  • Ik heb een R&D-project: wat zijn de subsidiemogelijkheden?
  • Sluit dit internationale subsidieprogramma aan bij mijn project?
  • Kunt u mij helpen om in contact te komen met partners voor mijn innovatieproject?
  • Zijn er gespecialiseerde start-ups die mijn productieprocessen kunnen verbeteren?
  • Hoe kan digitaal toegevoegde waarde creëren in mijn onderneming?
  • Hoe kan ik mijn SaaS internationaal ontwikkelen?

Hebt u deze of nog andere vragen? Aarzel dan niet om contact op te nemen met Carine Lucas bij het expertisecentrum Innovatie van Agoria (gegevens zie hierna).

Deze artikels verschenen eerder in Face-to-Face :

Reageer op dit artikel