Als de Belgische maakindustrie beslissende stappen vooruit wil zetten op het vlak van energetische duurzaamheid, is volgens Eric Delforge het moment aangebroken om betere afspraken te maken. De divisieleider van Mayakawa Europe vertelt hoe we kunnen decarboniseren én energie besparen door in te zetten op slimme thermische systemen met warmtepompen.


In 2011 schaarde de Europese Raad zich achter de EU-doelstelling om de uitstoot van broeikasgassen tegen 2050 met 80% tot 95% te verminderen, ten opzichte van het niveau van 1990. De lidstaten legden ook enkele tussentijdse mijlpalen vast: 20% tegen 2020, 40% tegen 2030 en 60% tegen 2040. Voor de maakindustrie betekent dit engagement een pittige uitdaging, want er wordt nog vaak met installaties uit de jaren 60, 70 en 80 gewerkt. Volgens Eric Delforge van Mayakawa Europe ligt de sleutel in slimme netwerken: 

Een toekomst zonder fossiele brandstoffen, is dat utopie of haalbare kaart?

Eric Delforge: “De doelstellingen van de regering zijn ambitieus, maar er is geen alternatief. Bovendien hebben we er zelf baat bij om duurzaamheid te promoten. Denk maar aan het concurrentiële voordeel dat België kan verwerven als we ons tot ecologische voortrekker ontpoppen.

Tot nu toe legt de regering ons geen bijkomende verplichtingen of nieuwe maatregelen op. Dat betekent dat we zelf voldoende vrijheid hebben om nieuwe technologische keuzes te maken. Iets waar we veel tijd voor nodig zullen hebben, dus we beginnen er best nu aan.”

Kan de maakindustrie de komende jaren het verschil maken?

Eric Delforge: “In het decarboniseren van de industrie speelt vooral de warmtepomp een belangrijke rol. Al heb je natuurlijk wel elektriciteit nodig om ze operationeel te houden. Vandaag kan dat nog niet volledig met hernieuwbare energie, maar een toestel dat nu gebouwd is gaat makkelijk 20 tot 30 jaar mee. Op termijn kan die dus voor 100% op hernieuwbare energie draaien, want over twee decennia kan de industrie wellicht uitsluitend op groene energie functioneren.

Maar onze koolstofafhankelijkheid inperken gaat verder dan dat. We moeten ook anders gaan denken en energie slimmer inzetten. Thermische koppelingen, bijvoorbeeld, zijn de oplossing om de doelstellingen voor 2050 nog sneller te halen. Koelinstallaties en warmtepompen werken op hetzelfde principe: een koelinstallatie geeft steeds warmte af en een warmtepomp koelt zijn warmtebron. Dus overal waar er koeling is, ben je ook aan het verwarmen en omgekeerd. Stel: je beschikt over een installatie om 500 kilowatt te koelen. En je hebt bijvoorbeeld 100 kilowatt nodig om die draaiende te houden, dan geeft die installatie 600 kilowatt aan overtollige warmte af. Het komt er dus gewoon op aan om industriële activiteiten met warmte en koeling aan elkaar te koppelen. Op die manier kun je met 100 kilowatt elektriciteit 500 kilowatt koelen én 600 kilowatt verwarmen. Economisch gezien een enorme winst.”

Wat is volgens u het beste plan van aanpak?

Eric Delforge: “Het gaat niet langer om individuele bedrijven die beslissen om te verduurzamen. We moeten met z’n allen gaan nadenken over gemeenschappen die samen energie uitwisselen over thermische netten. Een geïntegreerd verhaal dus: samen gaan we ervoor om een energiebalans te vinden. En zo’n netwerk hoeft zich niet te beperken tot de industrie: eventuele koppelingen naar woonunits zouden in de toekomst ook een evidentie moeten zijn.

Dit soort ecologische denkoefeningen wordt een heel eigen praktijk: we moeten onze ingenieurs, architecten en technici vanaf de schoolbanken onderdompelen in deze nieuwe gedachtegang. Want het is een win-win voor iedereen. Gelukkig hebben we in België genoeg mensen die in staat zijn om over de grenzen van hun métier heen te kijken. We beschikken misschien niet over de grondstoffen, maar de brains hebben we des te meer.” 

Ontdek andere parels van de Belgische technologische industrie op www.makeitinbelgium.be